Via via kom ik terecht op de site van de Nederlandse vereniging voor Parijs. Iets om te onthouden voor andere wereldsteden. Ook daar zijn natuurlijk van die clubs. Maar ik dwaal af. Bij hun activiteiten lees ik waar ze achteraf gaan dineren. Geen betere culinaire tip denkbaar dan van mensen die hier elkaar al jaren de bal toespelen. Ze eten in restaurant Breteuil, dat deel uitmaakt van een keten van zeven restaurants, allen met hun eigen naam, maar te vinden onder Bistro et Cie. Ze werken met een formule en dan niet de formule die je hier met de lunch overal vindt. Voorgerecht en hoofdgerecht of hoofdgerecht en dessert tegen een vaste lage prijs. Nee, de formule hier houdt in een aperitief van het huis, voorgerecht, hoofdgerecht en dessert. Je krijgt daarbij een hele fles prima wijn naar keuze aangeboden en koffie na. Alles inclusief voor de formuleprijs. Ik vrees dat ik na dat alles naar huis zal stuiteren. Op het Internet is de menukaart al te bekijken, met daarop originele en mooie gerechten. Ik begrijp waarom de Nederlandse club daar gaat eten. Rond half negen ben ik net op tijd voor een mooi plaatsje, waar ik het restaurant aardig kan overzien. Daarna loopt het al snel vol en om negen uur kan er geen mens meer bij in dit ruime restaurant, met aangebouwde serre.
Het is een leuke tent met aardig personeel en beschaafd publiek. Rechts van mij zit een ouder Engelstalig stel dolverliefd op elkaar te wezen. Handjes vasthouden, diep in de ogen kijken en een sprankelende conversatie, zoals je die bij jarenlang getrouwden niet meer gauw hoort. Leuk, want tegenover me zit zo’n getrouwd echtpaar met wel 25 streepjes op de lat. Er wordt weinig gesproken en wat gezegd wordt is niet altijd even vriendelijk. Zij heeft mooie handen, maar wangen die haar leeftijd verraden.
Bij de bar is het geluid van getrokken kurken ondertussen niet van de lucht. Het zal mede door het overvloedig drankarrangement komen, dat het binnen korte tijd een sfeervolle feesttent is. Iedereen is vrolijk, behalve het paar tegenover me. Ze zoekt wanhopig oogcontact en steun voor dit uitgebluste huwelijk. Maar ik heb geen behoefte om mijn fles wijn te gaan delen en trouwens, de lege stoel aan mijn tafeltje is al verhuisd naar de tafel naast mij. Daar zitten nu acht heren nog aan het aperitief, die actief zijn in de assurantie, zoals ze mij vertellen. Er is er één jarig en het wordt nog net niet gezongen door hen. Aan de andere kant van mij zitten twee echtparen gezellig te tafelen. Beide heren hebben, wat de Engelsen zo mooi noemen, een potbelly, een buikje. Handig om daar tussen de gangen door, een beetje onderuitgezakt, je gevouwen armen op te leggen. Ze hebben intussen hun truien uitgetrokken en zitten klaar voor het hoofdgerecht.
Het eten is geweldig en als ik zo om me heen kijk gaan alle bordjes leeg terug, richting spoelkeuken. Ook aan het dessert is veel zorg besteed. Mijn Iced Grand-Marnier Soufflé is een mooie finale, met alweer drank. Ik heb zelden zo gelachen in mijn eentje op weg naar huis.

